Gasten Leidse Salon over de rol van het publiek

Onno Blom (rechts) aan tafel met twee van zijn gasten; cabaretier Jochem Myjer en schrijver Frans Thomése (Foto: Diana van den Driessche)

De Lakenhal presenteert al enkele jaren de Leidse Salon, een live talkshow waarin Onno Blom in gesprek gaat met gasten uit de wereld van de kunst, literatuur en wetenschap. De achtste editie van de talkshow, met Arnoud Odding, Frans Thomése en Jochem Myjer als gasten, werd zondag druk bezocht.

Voordat de eerste gast aan tafel plaatsneemt, kondigt Onno Blom slagwerker en vibrafonist Frits Landesbergen aan die de muzikale omlijsting van de middag verzorgt. Rode draad tijdens de talkshow is de rol van het publiek. De eerste gast is Arnoud Odding, voormalig directeur van het Glasmuseum en auteur van het boek ‘The disruptive museum’, over de toekomst van het museum in dit ‘netwerktijdperk’. Hij is zeer te spreken over de aanpak van de Lakenhal. “Met Erwin Olaf is een verbinding gelegd tussen het Leids Ontzet en het hier en nu. Ook de Leidse Salon is een heel goed idee om publiek op een andere manier aan je te binden. Met ‘Werk in uitvoering’ werd het museum transparant. Dat heeft veel inspiratie opgeleverd om een binding aan te gaan met mensen van de 21ste eeuw.”

Ook de volgende gast, schrijver Frans Thomése, spreekt zich uit over de rol van het publiek. Voor hem is een boek pas een echt succes als juist niet iedereen het omarmt. Hij zet zich af tegen succesvolle auteurs, die in het gesprek met Onno Blom ook behoorlijk op de hak genomen worden. “Het gaat om de taal. Een boek is pas goed als het goed geschreven is. Het is niet automatisch goed als het jouw persoonlijke ramp beschrijft.” Vervolgens ligt de zaal plat als Thomése een fragment voorleest uit zijn boek “J. Kessels The Novel”.

Perfectioneren
De volgende gast, cabaretier Jochem Myjer, springt meteen in de vorige discussie. “Ik ben het totaal niet met Thomése eens: ik houd er juist van om iets te maken wat bijna iedereen leuk vindt. En ik pas mijn voorstelling zelfs aan als ik daar meer mensen een plezier mee doe.” Met het perfectioneren van een voorstelling is hij heel lang bezig: “Na 400 keer spelen ben ik pas tevreden. Het spelen en perfectioneren van dezelfde show is het mooiste wat er is.” Zijn shows hebben ook veel te maken met zijn eigen leven. “Ik ben zelf snel afgeleid, dus scènes moeten nooit te lang duren. Wat ik meemaak, maken andere mensen misschien ook mee. De basis van cabaret is het uitvergroten van wat je in het dagelijkse leven meemaakt.” Myjer heeft een zwak voor Leiden: “Ik ben al jaren stapelverliefd op deze stad en ik heb iets met de stad en de mensen en verwerk dat ook in mijn shows.” Myjer vertelt over de tumor in zijn ruggenmerg die in augustus verwijderd is. “Ook dat moet in de voorstelling verwerkt worden, dat kan niet anders, want ik sta als mezelf op het podium.” Zijn revalidatie neemt zeker een jaar in beslag, dus het publiek zal op zijn nieuwe show ‘Even geduld AUB!’ nog even moeten wachten. Meer informatie: www.lakenhal.nl

Dit artikel verscheen op 14 december 2011 in de woensdag editie van het Leids Nieuwsblad

Dit bericht werd geplaatst in Leiden, Leids Nieuwsblad, Literatuur en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s